Omsk verovert Dordrecht

(eerder verschenen in TM, juni 2009)

Na enkele jaren te hebben gewerkt onder de hoede van het Antwerpse Toneelhuis, besloot Lotte van den Berg in te gaan op de uitnodiging van de gemeente Dordrecht om tussen oer-Hollandse waterwegen een eigen huis op te zetten. Inmiddels bereidt Van den Berg zich voor op een lange reis naar Kinshasa met de kunstenaars van haar gezelschap Omsk en een groep geestverwanten. ‘Niet alleen wil ik zelf graag reizen, ik denk dat het voor een stad belangrijk is om invloeden van buitenaf te krijgen.’

Je bent er zo. Met de intercity naar Dordrecht CS en vanaf daar, zes keer per uur, met bus 10 naar het Energiehuis. Nog voordat je de krant goed en wel hebt uitgelezen sta je bij de voormalige energiecentrale in Dordrecht, die nu onderdak biedt aan Omsk, het nieuwe gezelschap van Lotte van den Berg. Daar, met uitzicht over de Merwe, hebben zij en de groep kunstenaars die zij heeft uitgenodigd, beschikking over een machinekamer met bakken vol Dogtroep-spullen en een enorme hal met aangrenzende kantoren en ateliers. Dat wil zeggen, als alles straks klaar is.

Al vanaf de eerste dag bouwen kunstenaars en bouwvakkers gezamenlijk aan deze thuisbasis. De keuken wordt betegeld, de kantoren en ateliers worden ingericht. ‘Beginnen is het allerleukst,’ vertelt Lotte van den Berg terwijl ze terugkijkt op de eerste paar maanden. ‘Daarvan wil ik zo lang mogelijk genieten.’

Het allereerste begin bestond uit het ophangen van de brievenbus. Van den Berg: ‘Ik geniet ervan dat dat ook deel van het werk is. Alleen al zo’n brievenbus roept allerlei vragen op. Waar moet ie hangen, wat is onze voordeur, is dat de gezamenlijke ingang aan de voorkant of deze deur aan de achterkant? Wat betekent het eigenlijk dat men je kan bereiken, dat mensen brieven naar je kunnen sturen? Dat zijn mooie en belangrijke verhalen.’ Zo komen praktische vragen als ‘waar zit de bakker’ en ‘waar kan ik mijn fiets repareren’ samen met filosofische vragen over bereikbaarheid en aanwezigheid in de stad en het bouwen van een thuishaven. Zakelijk leider Bart Kusters: ‘Alles vermengt zich. Mensen werken aan tekeningen, presentaties en objecten. Tegelijkertijd wordt een website gebouwd en klust men in de theaterzaal.’

Het eerste jaar staat geheel in het teken van het verkennen en veroveren van de stad Dordrecht door de aan Omsk verbonden kunstenaars. Ze bellen aan bij buren om hen uit te nodigen voor een kennismakingsdiner of vatten post op de markt met vijf tafeltjes en tien stoelen om ‘verhalen te ruilen’.

Stadse choreografie

De vier Marokkaanse hangjongeren op het bankje bij de kerk schrikken als een oude man plotseling op de grond valt. Ze kijken naar de man en vervolgens om zich heen. Een van hen loopt besluiteloos van en naar zijn scooter. Zal hij wegrijden? Of hulp halen?

Vanaf de toren van de Grote Kerk gezien is het een mooi en spannend moment. Toren van Marjolein Frijling neemt twaalf bezoekers mee naar het hoogste punt van de Grote Kerk van Dordrecht. Na het beklimmen van de 273 treden biedt de toren een prachtig uitzicht over de stad, het water, de bootjes in de haven en de straat die om de voet van de toren slingert. Fietsers, auto’s, brommers en voetgangers komen voorbij. De koptelefoons laten een soundscape horen van stadsgeluiden, met ambulances, klotsend water en een piepende fiets. De toeschouwer zoomt uit en ziet de stad, de rivier en de horizon. De toeschouwer zoomt in en ziet de kleine bewegingen in de stad: iemand parkeert een auto, een oude man loopt moeizaam over een brug, een vrouw staat opvallend lang stil bij de brievenbus. Met oren en ogen gespitst bespiedt de toeschouwer het stadse leven onder zich. Langzaam maar zeker herkent hij de vier passanten die onderdeel zijn van de voorstelling. De vrouw bij de brievenbus begint te dansen, de straatveger rent ineens weg en maakt een sprong over een muurtje. Ook de oude man beweegt ineens soepel over de reling van de brug. De meeste argeloze voorbijgangers merken het niet eens op. Slechts af en toe werpt iemand een blik achterom. Het theater gaat op in de stad en maakt onopgemerkt deel uit van de stadse choreografie. Behalve dus bij die vier jongens op dat bankje.

 Stiekeme audities

Alle projecten van de kunstenaars die zich hebben verbonden aan Omsk gaan een directe verbinding aan met de stad en zijn bewoners. Valentine Kempynck bouwt op daken bankjes van twee bakstenen waarop overleden vrienden of familieleden van het huis kunnen terugkeren, altijd op verzoek van de bewoner van het huis. Bas van Rijnsoever maakt samples van stadsgeluiden en vormt ze om tot een dansbare beat om deze vervolgens aan de stad terug te geven. Floor van Leeuwen en Marie Groothof werken aan een beeldentocht in de winkelstraat. Anne Habermann legde de kaart van het voormalige verzorgingsgebied van de energiecentrale over de huidige kaart van Dordrecht. De plaatsen waarop vroeger stroom werd geleverd zijn nu uitgangspunten voor toevallige ontmoetingen. In een uithoek van het gebouw zit Ank Daamen een portret te tekenen vanaf een foto van een oude vrouw die ze op haar tafel heeft geplakt, als onderdeel van een serie kleine portretten naar aanleiding van ontmoetingen.

In alles wat Van den Berg en de Omsk-kunstenaars doen staat de ontmoeting centraal. Van het aanbellen bij de buren tot het uitnodigen van culturele organisaties uit Dordrecht voor een diner. Van het zoeken naar 72 spelers voor de nieuwe voorstelling Het verdwalen in kaart tot het voorbereiden van de reis naar Afrika waarvoor Van den Berg en theatermaker Guido Kleene nu al een prachtige briefwisseling onderhouden, die je op de website kunt meelezen. Omsk gaat over kennismaken, over je laten verrassen door schoonheid op lelijke plekken, over openstaan voor het onverwachte, over het ter discussie stellen van elke insluipende routine in het werk. Dit jaar nog in Dordrecht, volgend jaar in Kinshasa.

Het Omsk-avontuur begon vanuit een verlangen om te reizen, vertelt Van den Berg. ‘Guido en ik maakten een reis naar Brazilië. Na afloop daarvan bleven we spreken over onze fascinatie met reizen. Een reis biedt zoveel inspiratie en inzicht, zowel in jezelf als in andere culturen. Dat wilden we graag verder ontwikkelen en we fantaseerden over de mogelijkheden. We vonden het belangrijk een langere periode op reis te kunnen. Je kunt een ontmoeting dan echt aangaan en inspelen op onverwachte ontwikkelingen. Verder wilden we graag met een grotere groep gaan, niet alleen van theatermakers die aan een bepaalde voorstelling verbonden zijn, maar ook met kunstenaars, tekenaars en schrijvers die zelfstandig kunnen werken én dienstbaar kunnen zijn in projecten van een ander. Dat is op een mooie zomeravond bedacht.’

Toen de uitnodiging uit Dordrecht kwam om in deze stad een gezelschap te vestigen, nam Van den Berg die vrijwel direct en volmondig aan. Ze stelde echter één voorwaarde: dat er ruimte zou zijn om te reizen. ‘Niet alleen wil ik dat zelf graag, ik denk dat het voor een stad belangrijk is om invloeden van buitenaf te krijgen. Het is goed om dicht bij de lokale gemeenschap te zitten, maar ook om ver weg te zijn en nieuwe indrukken mee terug te nemen.’

Het belang van een thuishaven dringt eigenlijk nu pas tot Van den Berg door. ‘Je kunt als losgeslagen reiziger de wereld intrekken, maar het reizen heeft dan weinig consequentie. Op het moment dat je een stevig anker in de grond hebt geslagen, zoals wij nu bij Omsk doen, moet je steeds vragen stellen over je verhouding tot die geboortegrond. Waarom vind ik het zo belangrijk te zien hoe mensen ergens anders op de wereld leven? Waarom krijg ik bij aankomst op Schiphol een grotere cultuurshock dan als ik arriveer in Kinshasa? Wat betekent opnieuw thuiskomen?’

De grote kracht van een thuisplek verraste Van den Berg. ‘Het “thuis” ontroert mij enorm. Ik leefde de afgelopen acht jaar zo nomadisch, dat ik nooit een plek had waar ik mensen kon uitnodigen. Hier is dat wel zo. Ik ben al maanden aan het genieten van het ontvangen van mensen en van wat het betekent een plek te hebben waar mensen naartoe kunnen komen. Het heeft nog steeds met reizen en bewegen te maken, maar ook met ontvangen.’

Over thuis gaat ook de voorstelling Het verdwalen in kaart die eind juni uitkomt. Voor deze voorstelling zocht Van den Berg 72 inwoners van Dordrecht bij elkaar, zo divers mogelijk. ‘Ik wilde geen groepjes in de groep. Het uitgangspunt van de voorstelling is de vraag wie je bent als je alleen bent, in je huiskamer. Dat onderzoek wil ik eerst met iedereen apart doen, door kleine portretten te maken.’ Vanuit die individualiteit ontstaat in de voorstelling vervolgens een collectief, een nieuwe gezamenlijkheid.

In de zoektocht naar de 72 spelers bood de zaterdagmarkt in het centrum van de stad uitkomst. Op een doodgewone marktdag plaatste Van den Berg drie rijen van drie stoelen midden op het drukste gangpad van de markt. Het waren stiekeme audities. Mensen die vroegen waarom die stoelen daar stonden, kregen de uitnodiging erop te gaan zitten. Ze stelden zich voor hoe het zou zijn als ‘dat meisje met dat roze bloesje’ een actrice zou zijn of ‘die jongen met dat petje’. Is dat eigenlijk niet gewoon theater?

www.omsk.nl