Recensie: Karina Holla toont kracht van het ouder worden

(eerder verschenen in TM, oktober 2010)

Zwanen-zang door Compagnie Karina Holla
Waar: Toneelschuur Haarlem
Wanneer: 16 september 2010

Met in wit verband onwikkelde knieën, voeten, handen en hoofden zitten drie vrouwen in een geheel witte ruimte lijdzaam voor zich uit te staren terwijl het publiek de Bovenzaal van de Haarlemse Toneelschuur binnenstroomt. Een man zingt een slaapliedje, ondersteund door zacht gekreun van de drie vrouwen. Daarna volgt een droomachtige aaneenschakeling van van humoristische en poëtische beelden, waarin de drie vrouwen vooral laten zien dat ze nog niets aan kracht hebben ingeboet.

Karina Holla is een van de grote iconen in de mime. Zij volgde de Mimeopleiding aan het eind van de roerige jaren zestig, begin jaren zeventig. Haar voorstellingen kenmerken zich door een sterke beeldtaal en een associatieve opbouw. Veelal staan ze op internationale podia. Vaak put Holla inspiratie uit leven en werk van bijzondere persoonlijkheden uit literatuur, beeldende kunst en film, zoals danseres Valeska Gert, filmacteur Buster Keaton, beeldhouwster Louise Bourgeois en dichtares Anne Sexton. Een van haar meest recente voorstellingen Het Archief van Overtollige Kennis (2007) vertelde over Lev Theremin, de uitvinder van het eerste elektronische instrument. Zijn veelbewogen leven, dat in het teken stond van  KGB- intriges en een onmogelijke liefde, kreeg vorm in een ongrijpbare beeldende voorstelling over paranoia en verlangen. Daarbij was de inleiding die Holla gaf net zo intrigerend als de voorstelling zelf. De daarop volgende voorstelling Être Blessé (2008) was een persoonlijke solo waarin Holla terugblikte op haar eigen loopbaan en vertelde over een ontmoeting met haar grote voorbeeld, kunstenares Louise Bourgeois.

 Op leeftijd

In Zwanen-Zang zet Holla die persoonlijke aanpak voort. Deze voorstelling over de kracht en de kwetsbaarheid van het ouder wordende lichaam maakte ze met drie performers ‘op leeftijd’; de danseres Pauline Daniëls en Bambi Uden en actrice Elsje de Wijn. De drie  hebben hun sporen in dans en theater verdiend en kunnen terugkijken op een mooie loopbaan. Zwanen-zang onderscheidt zich van eerdere voorstellingen doordat dit keer de personen in kwestie ook daadwerkelijk op de vloer staan. Enkele persoonlijke herinneringen, aan hun eerste balletles of aan de balletjuf, worden aangevuld met een aantal mooie choreografieën met daarin verwijzingen naar klassieke balletten, waaronder – hoe kan het ook anders – Het Zwanenmeer en een verhaal over een zwaan die liever vast blijft zitten in een dichtgevroren rivier dan zich laat te redden. Dat maakt de voorstelling tot meer dan een trip down memory lane. Zwanen-Zang is geen associatieve geschiedenisles, maar een associatieve presentatie van een staat van zijn.

Powergirls

In het begin is die ‘staat van zijn’ vooral een klaaglijke en zielige aangelegenheid. In een witte, ziekenhuisachtige ruimte – of is het het hiernamaals? – treffen we de drie dames aan rolstoel en ziekenhuisbed gekluisterd. Ledematen zijn omzwachteld met wit verband en ze kunnen nauwelijks meer uitbrengen dan wat zacht gekreun. Maar langzaam komen de lichamen in beweging. Danser Andreas Denk, die net nog een slaapliedje zong, verwijdert liefdevol en zorgzaam het verband. Als een mysterieuze verzorger geeft hij in de daaropvolgende scènes de vrouwen hun jeugdigheid en vrouwelijkheid: hij schenkt ze kleurig gebloemde zomerjurkjes of nodigt ze uit tikkertje te spelen en touwtje te springen. Daarnaast is hij danspartner in choreografieën waarin hij zijn ‘patiënten’ ronddraait en optilt als lichte veertjes.

Natuurlijk zien ze er een beetje belachelijk uit, in hun witte tutu’s. Het zijn geen jonge meisjes meer, maar dames op leeftijd. De meisjesdroom om prima ballerina te worden heeft plaats gemaakt voor een realiteit waarin het lichaam veroudert. Toch is Zwanen-Zang eerder een ontkrachting van die realiteit dan een bevestiging ervan. Met name in de dansante scenes  tonen de vrouwen dat de gracieuze souplesse nog niet uit hun lichaam verdwenen is. Als Bambi Uden haar armen uitstrekt of Pauline Daniëls haar schouders rolt zijn zij krachtig en vederlicht. En als Elsje de Wijn het verhaal van de vastgevroren zwaan vertelt, rolt haar stem over de tribune. In deze poëtische momenten ligt de kracht van de voorstelling – zo oud te mogen worden!

www.karinaholla.nl