Ulrike Quade: Ik mix geen disciplines, ik verover ze

eerder verschenen in Theatermaker, oktober 2013

Op haar rijke palet aan disciplines vermengt Ulrike Quade beeldend theater, dans, poppenspel, teksttheater, beeldende kunst en muziek. Steeds is ze op zoek, samen met anderen, naar manieren om de verschillende disciplines tot een geheel te smeden. In oktober gaat haar nieuwe voorstelling Munch en Van Gogh in première, een Nederlands-Noorse coproductie.

Ulrike Quades nieuwe voorstelling Munch en Van Gogh begon met een telefoontje van de Noorse regisseur Jo Strømgren. Met hem maakte Quade in 2009 De schrijver, over de omstreden auteur en Nobelprijswinnaar Knut Hamsun. Of ze opnieuw een voorstelling met hem wilde maken in het kader van het honderdvijftigste geboortejaar van Edvard Munch. Quade zocht er een tweede kunstenaar bij, de keuze viel op Vincent van Gogh.

‘De populariteit van Vincent van Gogh is een bijzonder fenomeen,’ vindt Quade. ‘Voor het Van Gogh Museum staan de mensen in rijen dik en door de hele stad zie je mensen met die driehoekige posterverpakkingen. Terwijl hij bij leven nauwelijks kon rondkomen, zijn zijn schilderijen tegenwoordig miljoenen, miljarden waard. In de voorstelling laat ik Van Gogh zeggen: “Mijn schilderijen zijn nu meer waard dan het complete bruto nationaal product van alle Afrikaanse staten bij elkaar.” En: “Ik had mij tijdens mijn leven geen entreekaartje kunnen veroorloven om in het museum naar mijn schilderijen te gaan kijken.” Over die ironie en die moeilijkheid van de waarde van kunst gaat de voorstelling. Laatst hoorde ik een econoom zeggen dat economie als acteren is. De cijfers zijn geen harde data, maar “zachte” gegevens waarmee je een verhaal vertelt.’

Verrijking

Ten tijde van het interview zit Quade in Ljubjana met componist Leonard Evers, schrijver Marcel Roijaards en lichtdesigner Floriaan Ganzevoort om alweer de volgende voorstelling Krabat (Meester van de zwarte molen) voor te bereiden. In het decor bepalen ze welk deel zal worden verteld door beeld, welk deel door muziek en welk deel door tekst. ‘Op die manier trekken de disciplines vanaf het begin samen op en wordt het echt een geheel,’ licht Quade toe. In Krabat werkt zij voor het eerst met gecomponeerde live muziek en gaat zij samen met componist Leonard Evers de repetitieperiode in. Hij werkt aan compositie die ontstaat uit een geluidsmachine, geïnspireerd op beweging van het molenrad en onderdeel van het decor. Deze mechanische klankinstallatie krijgt weerklank van de meer ‘menselijke’  muziek van een zangeres en een basklarinettist.

Het samenspel tussen disciplines vormt de rode draad van haar werk. Zelf volgde ze de acteursopleiding in Utrecht, waar ze op het spoor van het werken met poppen werd gezet. Na een stage in Japan volgde ze in Nederland de master Scenografie om zich te ontwikkelen als maker die zelf concepten kan uitdenken, ontwikkelen en vormgeven. Daarna zocht ze samenwerking met iemand die ook met manshoge poppen werkte en vond die in Duda Paiva, van huis uit danser. Quade: ‘Het was echt een verrijking om met hem te werken. Hij had een heel andere benadering door zijn dansachtergrond.’

Voor haar eigen voorstellingen werkt ze met tekstschrijvers als Kees Roorda, Joost Vandecasteele en Marc Becker. Quade: ‘Ik hoor niet echt bij de ene discipline of de andere. Nooit gedaan ook. Ik ben die disciplines niet zozeer aan het mixen, ik ben ze eerder aan het veroveren om ze deel te laten uitmaken van dat ene geheel. Ze horen er gewoon allemaal bij.’

Om die reden maken ook de Q-Labs onderdeel uit van haar werk. Q-Labs zijn werksessies of workshops die ze organiseert rond steeds verschillende disciplines. De eerstvolgende is een samenwerking met de Tekstsmederij bij PopArts in februari 2014. Quade: ‘We gaan met vijf schrijvers twee weken werken vanuit de Russische dichter Limonov. Een controversieel dichter met extreem verschillende levensfases. Ik wil samen met de schrijvers onderzoeken of we dat hoofd van Limonov kunnen vullen door vijf verschillende mensen.’

Het is niet de insteek de schrijvers te leren acteren of ze met poppen te laten werken. ‘Ik wil mijn discipline verrijken met hun discipline en hun discipline verrijken met die van mij. Het gaat niet om kennisoverdracht, maar om ontmoeting en research.’

Ambacht

‘Bij het woord poppentheater denken veel mensen meteen aan het ambacht ervan,’ vertelt Quade. ‘Het gaat hun om de techniek om de pop zo goed mogelijk tot leven brengen. Maar dat is iets anders dan een inhoudelijk goede voorstelling maken. Ik zoek naar die combinatie van techniek en inhoud. Poppen zijn een onderdeel van het geheel en niet een doel op zich. Er moet een inhoudelijke laag zijn voor de poppen. Bij Antigone, een coproductie met choreografe Nicole Beutler, werden Antigone, Polyneikos en Ismene gemanipuleerd door een koor van mensen. Over die manipulatie ging voor mij de voorstelling.’

Daarmee ging Quade in tegen de magie van het poppentheater waarbij de pop tot leven wordt gebracht en we de manipulator niet zien. ‘In Antigone doorbreken we die afspraak. Daarom moesten we die manipulatie ook ensceneren, om te laten zien dat het een bewuste keuze was en deel uitmaakte van de dramaturgische inhoud.’

Tegelijk met haar zoektocht naar een geheel van disciplines zoekt Quade ook naar manieren om het ambacht te verrijken. Zo staat er voor 2014 een Q-Lab in de planning door een Japanse poppenmaker en is het haar bedoeling ook vertegenwoordigers van andere poppenspeltradities naar Nederland te halen. De vormgeving van de poppen, die Quade tot nu toe vaak zelf voor haar rekening nam, wil ze deels gaan overdragen aan haar spelers. Quade: ‘Het is heel waardevol om als speler je eigen pop te kunnen maken. Je begrijpt je materiaal beter en het personage kan al ontstaan in het maakproces. Bovendien is het goed om tijdens de tournee de pop zelf te kunnen repareren.’

Op die manier bouwt Quade aan een groep spelers die haar voorstellingen kunnen spelen en kan ze zich zelf steeds meer richten op het regisseren. En op het ontwikkelen van de discipline met Q-Labs of uitwisselingen met bijvoorbeeld het Scenografie Platform. Quade: ‘Ik zie het ook als mijn taak om het vocabulaire en de veelzijdigheid van de discipline te ontwikkelen. Er ligt nog een heel terrein braak waar we van alles kunnen ontdekken.’

www.ulrikequade.nl