Category Archives: recensie

Recensie: In een feest der herkenning kabbelend naar het nu

De sjofele man uit de jaren dertig komt  het danslokaal binnen, waar de bezoekers net lekker de roaring twenties aan het vieren zijn. Zijn aanwezigheid, die de vrolijkheid confronteert met de armoede en de crisis die buiten dreigen, is hier niet gewenst. Dit moment zet al vroeg in Le Bal, de nieuwe voorstelling van Jakop Ahlbom Company, de toon. Een nieuwe tijd stapt de oude in. Met ieder tijdvak, van 1918 tot nu, een eigen klank, een eigen kleur en een eigen thematiek. Maar ook met steeds terugkerende mechanismen die in een eeuw tijd niet blijken te veranderen. En daarin schuilt meteen zowel de kracht als de zwakte van Le Bal. Continue reading Recensie: In een feest der herkenning kabbelend naar het nu

Fijne vertelling over het onbeduidende alledaagse

‘Kom ik nog naar beneden?’, vraagt Tom Fischer. Als pas overledene kijkt de 27-jarige jongen vanuit het dodenrijk naar een herinnering van jaren eerder. Zijn vader, moeder en zusje roepen hem voor het toetje. Maar Tom bleef die avond op zijn kamer. En het onbeduidende, gemiste toetje blijkt dan toch heel waardevol. Onze straat, de nieuwe voorstelling van Daria Bukvic bij Het Nationale Theater, toont de dubbelheid van het leven. Het is onbeduidend én allesomvattend. Het blijft altijd hetzelfde én verandert steeds.  Continue reading Fijne vertelling over het onbeduidende alledaagse

Recensie Bambie NUL: Waar het kleine groot in kan zijn

De ondertitel bij de nieuwe voorstelling van Theatergroep Bambie kon niet raker zijn: een grote zoektocht in het kleine. Bambie NUL is een treffend miniatuurtje over het allesomvattende menszijn. Uiteraard in de vertrouwde stijl van Bambie, dus met een plant, een boterham, platenspeler en een fles Spa. Met scenes vol alledaagse voorwerpen en handelingen rollen de twee mannen (Paul van der Laan en Jochem Stavenuiter) van de ene in de andere poging. Van de poging om vat te krijgen op de waarneming (en is die dan echt waar), naar de poging om de werking van het hart te begrijpen (en voor wie laat je die sneller kloppen) en de poging om de sterrenhemel vast te leggen op een klein vierkant canvasje. Continue reading Recensie Bambie NUL: Waar het kleine groot in kan zijn

recensie: Do You Still Love Me? (Sanja Mitrovic)

In het ene team: Servane, Sid, Cédric en Ina. Vier professionele performers die de hele wereld over reizen voor hun werk. In het andere team: Gerrit-Jan, Silvia, Janneke en Gert-Jan. Vier voetbalsupporters die de hele wereld over zouden reizen voor hun club, als ze dat zouden kunnen. In Do You Still Love Me? brengt Sanja Mitrovic de twee teams en hun ogenschijnlijke onverenigbare wereld samen in één voorstelling over voetbal, passie en vechten voor je vlag.

Continue reading recensie: Do You Still Love Me? (Sanja Mitrovic)

Recensie: Step by step (Luc Boyer)

“Elke vezel in mijn lijf verzet zich tegen dit lot”, zegt Luc Boyer in het derde deel van Step by Step. Het zijn de woorden die hij sprak in het revalidatiecentrum na zijn beroerte. Een verzet dat er toe heeft geleid dat hij desondanks een drietal kleine voorstellingen maakte: Step by Step by Wheels, Step by Step by Wings en Step by Step by Memories. Nu, precies twee jaar na die beroerte, presenteert hij ze als drieluik in Theater Bellevue.

Continue reading Recensie: Step by step (Luc Boyer)

Recensie: Mooie choreografie van alledaagse eenzaamheid

Met zeventien mensen in één huiskamer toch een gevoel van grote eenzaamheid oproepen. Jakop Ahlbom doet het in zijn nieuwe voorstelling Het leven, een gebruiksaanwijzing bij Dansmakers aan het IJ. Met kopjes thee, blikjes bier, een SM-outfit, een papieren vliegtuigje, een schilderij, een gestreken overhemd bouwt hij een ingenieuze choreografie van kruisende dagelijkse routines die langzaam maar zeker ontspoort.

Continue reading Recensie: Mooie choreografie van alledaagse eenzaamheid

Recensie: I See You (Naomi Velissariou)

Een one night stand, een vakantietrip, een opruimwoede. In I see you, de nieuwe voorstelling van Naomi Velissariou bij Frascati Producties, schilderen drie personages hun onthechte levens in een anonieme stad. Met het publiek langs drie zijden van het speelvlak schuiven de spelers in wit gekleed langzaam heen en weer op hun rolschaatsen over een rood, rechthoekig vlak. Een voorstelling waarin alle ingrediënten prima lijken te kloppen, maar het geheel toch niet de beoogde beklemming weet op te roepen.

Het uitgangspunt van I see you was Huis clos van Jean-Paul Sartre. Een toneeltekst uit 1943 waarin drie mensen in een afgesloten ruimte van de hel tot elkaar veroordeeld zijn tot in de eeuwigheid. Als Velissariou met een repertoiretekst aan de slag gaat, zijn dat geen bewerkingen maar deconstructies. Ze graaft en ontbindt het origineel tot ze bij de kern van het stuk uitkomt. Of misschien beter gezegd: bij de mentaliteit ervan. Ze deed dat eerder al onder andere met A tragedy (simplified) en Kwartet: een powerballad (met performance-collectief Urland). Ook in het geval van I see you valt er weinig te herkennen van de anekdote of de personages uit het oorspronkelijke Huis clos, maar richt ze zich op die thematische mentaliteit: de intermenselijke hel.

Een man (Bram Coopmans) van 41 met een vrouw en een dochter die er ‘even tussenuit zijn’ loopt door een regenachtige stad. Hij komt een jonge, mooie maar beschadigde vrouw (Naomi Velissariou) tegen. Een one night stand volgt. Ondertussen is haar broer (Sadettin Kirmiziyüz) terechtgekomen in een feestweek op een feesteiland waar hij helemaal niet wil zijn.

Alledrie zijn ze ontheemd en uit balans. De vrouw eindigt bij de stortkoker, waarin ze haar complete huisraad weggooit. De broer eindigt in een omhelzing met zijn in plastic gewikkelde rolkoffer. En de man vliegt in een visioen weg met eigen engelenvleugels nadat hij dochter en vrouw (met verwijtende blik) heeft opgehaald van Schiphol.

In de gefragmenteerde tekst van Rik van den Bos en de regie van Eric de Vroedt balanceren de drie spelers tussen personage en verteller. Als vertellende personages proberen ze het verhaal samen te reconstrueren, te herbeleven of aan te vullen met jeugdherinneringen. En alles wat ze doen wordt continu gezien door een ander. Net als de personages van Sartres Huis clos zijn ze veroordeeld tot elkaar. Maar niet alleen de aanwezigheid van de ander of de blik van de ander, ook de eigen blik vormt de hel in I see you. Alsof ze uit zichzelf getreden zijn lijken de personages hun eigen leven als een film te bekijken. Ze zijn niet alleen onthecht van de stad waarin ze leven en de mensen met wie ze leven, maar ook onthecht van zichzelf.

Dat zou heel beklemmend kunnen zijn. Maar dat is het in de uitvoering van Naomi Velissariou niet. Hoe zorgvuldig alle ingrediënten ook zijn uitgedacht, I see you is een bewegend schilderij waar je van een afstandje naar kijkt. Een schilderij over een beklemming die je wel begrijpt, zonder haar ook echt te voelen. Het mooie spel, de intieme opstelling, de dreigende soundscape, de treffende tekst en het kille licht ten spijt. En dat is jammer, want de gelaagde thematiek en de fascinerende vormkeuzes smaken naar meer.

gezien: 7 juni 2014
deze recensie is eerder verschenen op http://www.theaterkrant.nl/recensie/i-see-you/

foto: Anna van Kooij

Recensie: Bug (Jakop Ahlbom)

Er zitten beestjes in de motelkamer van Agnes (Tamar van den Dop). Je kunt ze bíjna niet zien, maar haar nieuwe liefje Peter (Bram Coopmans) weet het zeker. Continu kriebelt en krabbelt hij in de psychologische thriller Bug van Jakop Ahlbom aan zijn been, achter zijn oor, op zijn hoofd. Je zou er zelf haast jeuk van krijgen.

De Amerikaanse toneelschrijver en acteur Tracy Letts (1965) schreef Bug in 1996. In 2006 werd het toneelstuk verfilmd met Michael Shannon in de hoofdrol. Het vertelt het verhaal van Agnes, een gescheiden vrouw in een motelkamer die ’s nachts droomt van haar zoekgeraakte zoon en bang is voor haar onlangs vrijgelaten ex-man. Dan ontmoet ze Peter. Een op het eerste gezicht volkomen ongevaarlijke, zelfs een beetje sullige man. Terwijl er tussen die twee iets moois opbloeit, kruipen de eerste beestjes, en daarmee de waanzin, langzaam maar zeker hun leven in.

Het is niet de eerste keer dat theatermaker Jakop Ahlbom zich laat inspireren door een filmisch gegeven. In Lebensraum bracht hij de zwart-witte slapstick à la Buster Keaton naar het theater en in Innenschau creëerde hij een David Lynch-achtige wereld. Daarbij maakt hij steeds gebruik van ingenieuze visuele effecten die raakvlakken hebben met goochelen, illusionisme en acrobatiek. Ook in Bug zien we die effecten. Er is plots een derde hand die het hoofd van Peter streelt, er wordt een kies getrokken in een scène waarbij je je handen voor je ogen houdt en een uit zichzelf draaiende tol herinnert aan het verloren kind. De muziek (opnieuw van Alamo Race Track) en de videoprojecties voegen daar een dromerige en surreële laag aan toe. Dat is een van de krachten in het werk van Ahlbom: het creëren van verwarrende en ongrijpbare werelden waarin niets is wat het lijkt.

Bug is dan ook het spannendst als er alleen nog het vermoeden van beestjes is. Naarmate het verhaal vordert, sleurt Peter Agnes mee in zijn wanen over een grootschalig complot en blijft er steeds minder te raden over. Aan het eind is er maar één waarheid: die man is volkomen knetter. Misschien is dat vooral te wijten aan de Amerikaanse oorsprong, maar wat meer ruimte voor andere waarheden was best welkom geweest.

Gezien: 8 februari 2014
www.jakopahlbom.nl
foto: Sanne Peper

Deze recensie is eerder verschenen op www.theaterkrant.nl

Recensie: A thing of beauty (Øystein Johansen)

Gezien: 29 oktober 2013, Amsterdam

De boy next door, dat zou deze keurig gekapte en geklede jongeman kunnen zijn. In A thing of beauty liet de Noorse regisseur Øystein Johansen (Mimeopleiding, 2010) zich inspireren door het verhaal van de Amerikaanse seriemoordenaar Jeffrey Dahmer. Het resulteerde in een licht verontrustende solo over een jongen met een net iets te grote interesse in de botten van een dood konijntje. Continue reading Recensie: A thing of beauty (Øystein Johansen)