Tag Archives: Jakop Ahlbom

Recensie: In een feest der herkenning kabbelend naar het nu

De sjofele man uit de jaren dertig komt  het danslokaal binnen, waar de bezoekers net lekker de roaring twenties aan het vieren zijn. Zijn aanwezigheid, die de vrolijkheid confronteert met de armoede en de crisis die buiten dreigen, is hier niet gewenst. Dit moment zet al vroeg in Le Bal, de nieuwe voorstelling van Jakop Ahlbom Company, de toon. Een nieuwe tijd stapt de oude in. Met ieder tijdvak, van 1918 tot nu, een eigen klank, een eigen kleur en een eigen thematiek. Maar ook met steeds terugkerende mechanismen die in een eeuw tijd niet blijken te veranderen. En daarin schuilt meteen zowel de kracht als de zwakte van Le Bal. Continue reading Recensie: In een feest der herkenning kabbelend naar het nu

Recensie: Mooie choreografie van alledaagse eenzaamheid

Met zeventien mensen in één huiskamer toch een gevoel van grote eenzaamheid oproepen. Jakop Ahlbom doet het in zijn nieuwe voorstelling Het leven, een gebruiksaanwijzing bij Dansmakers aan het IJ. Met kopjes thee, blikjes bier, een SM-outfit, een papieren vliegtuigje, een schilderij, een gestreken overhemd bouwt hij een ingenieuze choreografie van kruisende dagelijkse routines die langzaam maar zeker ontspoort.

Continue reading Recensie: Mooie choreografie van alledaagse eenzaamheid

Recensie: Bug (Jakop Ahlbom)

Er zitten beestjes in de motelkamer van Agnes (Tamar van den Dop). Je kunt ze bíjna niet zien, maar haar nieuwe liefje Peter (Bram Coopmans) weet het zeker. Continu kriebelt en krabbelt hij in de psychologische thriller Bug van Jakop Ahlbom aan zijn been, achter zijn oor, op zijn hoofd. Je zou er zelf haast jeuk van krijgen.

De Amerikaanse toneelschrijver en acteur Tracy Letts (1965) schreef Bug in 1996. In 2006 werd het toneelstuk verfilmd met Michael Shannon in de hoofdrol. Het vertelt het verhaal van Agnes, een gescheiden vrouw in een motelkamer die ’s nachts droomt van haar zoekgeraakte zoon en bang is voor haar onlangs vrijgelaten ex-man. Dan ontmoet ze Peter. Een op het eerste gezicht volkomen ongevaarlijke, zelfs een beetje sullige man. Terwijl er tussen die twee iets moois opbloeit, kruipen de eerste beestjes, en daarmee de waanzin, langzaam maar zeker hun leven in.

Het is niet de eerste keer dat theatermaker Jakop Ahlbom zich laat inspireren door een filmisch gegeven. In Lebensraum bracht hij de zwart-witte slapstick à la Buster Keaton naar het theater en in Innenschau creëerde hij een David Lynch-achtige wereld. Daarbij maakt hij steeds gebruik van ingenieuze visuele effecten die raakvlakken hebben met goochelen, illusionisme en acrobatiek. Ook in Bug zien we die effecten. Er is plots een derde hand die het hoofd van Peter streelt, er wordt een kies getrokken in een scène waarbij je je handen voor je ogen houdt en een uit zichzelf draaiende tol herinnert aan het verloren kind. De muziek (opnieuw van Alamo Race Track) en de videoprojecties voegen daar een dromerige en surreële laag aan toe. Dat is een van de krachten in het werk van Ahlbom: het creëren van verwarrende en ongrijpbare werelden waarin niets is wat het lijkt.

Bug is dan ook het spannendst als er alleen nog het vermoeden van beestjes is. Naarmate het verhaal vordert, sleurt Peter Agnes mee in zijn wanen over een grootschalig complot en blijft er steeds minder te raden over. Aan het eind is er maar één waarheid: die man is volkomen knetter. Misschien is dat vooral te wijten aan de Amerikaanse oorsprong, maar wat meer ruimte voor andere waarheden was best welkom geweest.

Gezien: 8 februari 2014
www.jakopahlbom.nl
foto: Sanne Peper

Deze recensie is eerder verschenen op www.theaterkrant.nl

Een duik in het London International Mime Festival

 

Het is altijd leuk als een landgenoot wordt bejubeld in het buitenland. Toegegeven, Jakop Ahlbom is een geboren Zweed, maar wat theateropleiding betreft is hij een getogen Nederlander. Zijn voorstelling Lebensraum stond begin dit jaar op het programma van het London International Mime Festival. Recensenten van The Observer, The Guardian en The Evening Standard gaven drie tot vier sterren, loofden de precisie van de uitgevoerde slapstick en de balans tussen humor en verontrusting. Ook de prestaties van de acteurs, met name die van Silke Hundertmark, werden opgemerkt. Allemaal volkomen terecht natuurlijk, glim ik met (on)gepaste trots bij het lezen van de recensies en reacties.

Maar er valt nog iets op aan de verschenen artikelen. Bijna alle Engelse recensenten duiken dieper in de achterliggende thema’s dan de Nederlandse critici deden ten tijde van de première in 2012. In de Britse recensies vallen termen als identiteit, ‘male domination’, nazi-Duitsland, Frankenstein en genderpolitiek. En dat is misschien wel tekenend voor een festival waarin de voorstellingen zo’n samenspel tussen vorm en inhoud aangaan dat die inderdaad niet in één te benoemen laag te vangen zijn.

Het London International Mime Festival (LIMF) is een jaarlijks terugkerend festival gericht op hedendaags visueel theater. Gedurende een dikke drie weken zijn voorstellingen uit Frankrijk, Groot-Brittannië, Tsjechië en Spanje te zien in verschillende theaters in de stad. Van de studio van de theaterschool tot de kleine zaal van het prestigieuze Royal Opera House. De artistieke leiding is in handen van Joseph Seelig en Helen Lannaghan.

Het openingsweekend staat, behalve de voorstelling van Ahlbom, in het teken van de Fransen. Van Phia Ménard (Compagnie Non Nova) zijn twee korte voorstellingen te zien: Vortex en L’après-midi d’un foehn. Mathurin Bolze (Compagnie MPTA) presenteert A bas bruit.

Zakjes

Stel je voor: de Amsterdamse Hogeschool van de Kunsten vestigt zich aan de NDSM-werf. In een gebouw met rode bakstenen en grote ramen in strak vormgegeven kozijnen is ruimte gemaakt voor ateliers en studio’s. Studenten lopen in en uit in deze creatieve hotspot in een voorheen industrieel gebied. En er is een goed uitgeruste theaterzaal. Dan zou je iets hebben als het Platform Theatre, een van de locaties van het LIMF. De koffie is er niet te drinken maar het bier is goedkoop, de wifi is gratis en er hangt een aangename, creatieve sfeer. Hier zijn de twee voorstellingen van de Franse Phia Ménard te zien, beide startend vanuit hetzelfde uitgangspunt.

Het publiek zit rondom een cirkelvormig speelvlak dat omgeven is door ventilatoren. De performer zit in het midden. In L’après-midi d’un foehn (een foehn is in het Frans een föhn-wind) is dat een jonge vrouw, gekleed als boeddhistisch monnik. Ze knipt en plakt een klein menselijk figuur uit een plastic zakje. De ventilatoren gaan aan en de luchtstromen blazen leven in het plastic figuur. Het beweegt, vult zich met lucht, vliegt en danst. Gaandeweg voegt de speler meer en meer zakjes toe. Er ontstaat een verbazingwekkende choreografie in steeds wisselende theatrale beelden, waarbij de performer als ‘spiritueel wezen’ de plastic zakjes leven geeft, neemt, beschermt en straft.

Van de twee voorstellingen van Ménard maakt met name Vortex indruk. De centrale persoon in deze arena is een dikke man in een grijs pak. Wat begint met het rondblazen van de plastic mensjes ontwikkelt zich naar een performance waarin steeds meer plastic zakken onder zijn kleding vandaan komen. Van kleine witte zakjes tot uiteindelijk een grote zwarte sliert plastic, alsof hij alle narigheid uit zijn lijf kotst. Tot uiteindelijk alle lagen van zijn geconstrueerde identiteit zijn afgepeld en een jonge vrouw met haar blote huid in het centrum van de speelvloer overblijft. In Vortex gaat Ménard voorbij aan de gimmick van de zakjes en de ventilatoren. De wetenschap dat Ménard geboren is als jongen en inmiddels als vrouw door het leven gaat geeft extra lading aan de voorstelling.

Loopband

Stel je voor: de Amsterdamse Stadsschouwburg had niet de grote Rabozaal bijgebouwd maar een kleine Melkweg-studio. Met driehonderd zitplaatsen en alle technische faciliteiten die je nodig hebt. En met een stemmig ingerichte foyer met blow-ups van theaterfoto’s waar hippe twintigers en dertigers te dure wijn uit te grote glazen drinken. Dan zou je iets hebben als de Linbury Studio van het Royal Opera House. Waar de koffie overigens opnieuw niet te drinken is.

In deze zaal is tijdens het LIMF A bas bruit te zien van Mathurin Bolze. Een voorstelling met raakvlakken met dans, mime en acrobatiek. Het decor bestaat uit houten podiumdelen in verschillende hoogtes, een projectiescherm en een enorm looprad. In een van de podiumdelen is een loopband verwerkt. Hierin bewegen twee mannen en één vrouw zich continu in verschillende samenstellingen en wisselende intenties. Van een prachtig liefdevol duet tussen een man en een vrouw in moderne dans en acrobatiek tot een bewegingssequentie waarin de drie performers continu van plek wisselen. A bas bruit lijkt te gaan over een wereld die continu in beweging is. In het slotbeeld wordt, uit het niets, een verwijzing gemaakt naar revoluties en mensenmassa’s die in beweging komen. Maar dat is de enige smet op een verder fascinerend geheel.

(eerder verschenen in Theatermaker, april 2014)

 

recensie: Lebensraum van Jakop Ahlbom

Lebensraum-foto Stephan van Hesteren

gezien: 23 maart 2012

eerder verschenen op theaterkrant

Theatermaker Jakop Ahlbom heeft zich met zijn eerdere voorstellingen Vielfalt, De Architect en Innenschau gespecialiseerd in het incorporen van goocheltrucs en special effects. Daarmee creërde hij vaak een surreële en bizarre wereld, waarin mensen verdwenen in banken of televisies, kopjes uit zichzelf over de tafel schoven of een hart uit het lijf werd gesneden. In Lebensraum is dat niet veel anders. Maar waar de eerdere voorstellingen ronduit zwart en grimmig waren, is Lebensraum vooral lieflijk en komisch. Continue reading recensie: Lebensraum van Jakop Ahlbom

Een frisse blik op tekst (terugblik 2008-2009)

(eerder verschenen in TM, september 2009)

Mime, de taal van beweging, ritme, kleur, omhelsde het afgelopen seizoen steeds vaker de taal. Maar rechttoe, rechtaan-vertellingen werden het nooit. Toneelteksten die door mimemakers onder handen worden genomen, krijgen niet de kans de voorstelling te overheersen. Mimers gaan er beeldend mee aan de haal.

Continue reading Een frisse blik op tekst (terugblik 2008-2009)

De goocheldoos van Jakop Ahlbom

(eerder verschenen in TM, februari 2010)

Na Vielfalt en De Architect blijft theatermaker Jakop Ahlbom ook in zijn nieuwe voorstelling Innenschau zoeken naar de mogelijkheden van special effects op het toneel. Nu de theatermaker is opgenomen in de vierjarige subsidieregeling van het Nederlands Fonds voor de Podiumkunsten kan hij eindelijk de tijd nemen om zijn handelsmerk verder uit te bouwen. Bovendien is deze mimer is met tekst gaan werken, om zijn fantasie beter te kunnen sturen.

Continue reading De goocheldoos van Jakop Ahlbom

De vernieuwende invloed van de mime

 

(eerder verschenen in TM, november 2006)

In de jaren zestig zette de mime haar eerste stappen op Nederlands terrein. Een halve eeuw later kunnen theatermakers niet meer zonder de beeldende, associatieve taal die zich dankzij de mime heeft ontwikkeld. Een schets van hoe de mime zich een vanzelfsprekende plek verwierf in het Nederlandse theater en in handen van een nieuwe generatie een bloeiende toekomst tegemoet gaat.

Continue reading De vernieuwende invloed van de mime