Verbeter de wereld, begin bij de Ponyclub

(eerder verschenen in TM, november 2010)

Hoe loopt en praat een vrouw als Margaret Thatcher, ooit een van de machtigste figuren op het politieke toneel? Waarom kijk je bij een vrouw eerder naar haar pakje of haar kapsel dan bij een man? Hoe komt het dat vrouwen zich zo mannelijk mogelijk moeten gedragen om serieus genomen te worden? De nieuwe voorstelling Ponyclub, geen Trojaanse Vrouwen van Theatergroep Boogaerdt/VanderSchoot gaat over de positie, retoriek en daadkracht van de vrouw.

Sinds een aantal jaar maken mimers Suzan Boogaerdt en Bianca van der Schoot ook voorstellingen met toneelteksten als uitgangspunt, zoals Drie Zusters van Anton Tsjechov en Who’s afraid of Virginia Woolf? van Edward Albee. Wellicht is het een opmerkelijk keuze van twee mimemakers om met repertoire aan de slag te gaan, maar Boogaerdt en Van der Schoot zien het vooral als een mogelijkheid om een zich bewezen dramaturgie uit te buiten. De dames geven wel altijd een geheel eigen draai aan de bekende toneelteksten. Zo ook in het geval van hun nieuwe voorstelling Ponyclub, met de Griekse tragedie Trojaanse vrouwen van Euripides als een van de uitgangspunten.

Geen klaagzang

Na de val van Troje wacht een groep vrouwen bij de smeulende resten van hun stad tot ze worden meegenomen door hun overwinnaars. Ze zijn hun mannen, zonen en vaders verloren en hun staat een leven als slavin of bijslaap te wachten. Tot het zover is, beklagen ze hun lot.

De moderne vrouw toont zich (hopelijk) wat daadkrachtiger. Tegelijkertijd herkent Van der Schoot zich wel in het grote gevoel van onmacht. ‘De Trojaanse vrouwen zitten op de puinhopen van wat ooit een mooie wereld was. Wij zien daarin een parallel met de toestand waarin de wereld zich nu bevindt. Wij vragen ons af of daaraan nog iets valt te veranderen en zoja, wat onze rol daarin is. Moeten we net als die Trojaanse vrouwen accepteren dat er nu eenmaal leed bestaat of moeten we er iets aan doen?’

Om een brug te slaan tussen de wereld van toen en de wereld van nu vroegen Boogaerdt en Van der Schoot een aantal vrouwen pamfletten te schrijven over hun visie op de rol van de vrouw. Zo schreef Fleur Jurgens Leve de burgertrut, een tekst geïnspireerd op het personage Andromache vanuit het standpunt dat de vrouw met het opvoeden van haar kinderen het goud van de toekomst smeedt. En het personage Cassandra, dat de toekomst kan voorspellen maar door niemand wordt geloofd, krijgt een tekst aangereikt van Liesbeth van Tongeren, Tweede Kamerlid van GroenLinks en voormalig directeur van Greenpeace. Ook Hedy d’Ancona, Laura van Dolron en Kaouthar Darmoni bieden met hun hedendaagse gedachten over vrouwelijk engagement een aanvulling op de klassieke teksten van Euripides.

Engagement

Van der Schoot: ‘De afgelopen jaren hebben wij steeds meer ons engagement gevonden. Wat kunnen wij betekenen voor de wereld op die avond in het theater? Is het niet heel aanmatigend om te denken dat wij iets kunnen betekenen voor de wereld? Maar wat kan ik dan doen?’ Boogaerdt: ‘We willen geen belerende voorstelling maken waarin we mensen oproepen om fairtrade chocola te kopen of geld over te maken naar giro 555.’

Dan hebben ze aan tekstschrijver Laura van Dolron een goede. Van der Schoot: ‘In een tekst laat Laura de “lijdende vrouw” in reclamefilmpjes van giro 555 vragen: “Weet je wel hoe arrogant het is om te denken dat jij iets aan mijn leed kunt doen? Aanvaard mijn leed en leer ervan.” Dat vond ik herkenbaar, maar ook heftig. Ik kan niet accepteren dat ik het wereldleed maar moet aanvaarden.’ Boogaerdt: ‘En dat is precies waarover de voorstelling gaat; hoe vrouwen zich toen en nu verhouden tot het leed in de wereld.’

www.bvds.nu